Stoffenmanager community portal

U bent hier:  Community & kennis portal >> Nieuws >> Roep uitvoeringsdiensten in het leven voor risicobedrijven
De Vereniging van Nederlandse Chemische Industrie (VNCI) pleit ervoor vier regionale uitvoeringsdiensten in het leven te roepen die landelijk aangestuurd worden. Deze moeten vergunningsverlening, toezicht en handhaving in een regio verzorgen voor risicovolle bedrijven, zoals Chemie-Pack.
Titel: Roep uitvoeringsdiensten in het leven voor risicobedrijven
Bron: Omroep Brabant
Datum: 6 april 2011
De VNCI laat dat weten in antwoord op het onderzoek van Omroep Brabant onder zware risicobedrijven. Daaruit bleek dat chemische bedrijven in de zwaarste risicocategorie, vergelijkbaar met Chemie-Pack in Moerdijk, grote overheids- en controleverschillen merken tussen regio’s in Nederland. Volgens bedrijven in Brabant met meerdere vestigingen door de rest van het land worden regels niet identiek toegepast of uitgelegd en is er verschil van interpretatie op het gebied van wetgeving en het verlenen van vergunningen.
Vijf bedrijven met Brabantse vestigingen, die anoniem wilden blijven, hebben meegewerkt aan het onderzoek. Drie bedrijven kwamen met voorbeelden. Ze vertellen onder andere over het verschil waarmee controleurs met richtlijnen omgaan.

Opslagtanks
Chemische bedrijven als Chemie-Pack, waar in januari een grote brand woedde, moeten voldoen aan een richtlijn voor opslagtanks. Die richtlijn is nu zo'n vijf jaar oud. Bedrijf A* heeft een opslagtank op het terrein van zo'n vijftien jaar oud. Deze is gebouwd volgens de toen geldende richtlijn. Nu moet de installatie getoetst worden of deze nog wel voldoet aan de huidige richtlijn. De ene controleur gaat wel met de oude tank akkoord, de ander keurt hem af.
 
Milieuvergunning
Bedrijf B* wil een milieuvergunning (WM-vergunning) aanvragen. In de regio Rotterdam moet het bedrijf zich bij het loket 'Afvalstoffen' melden en in de regio Dordrecht weer bij 'Externe veiligheid'. Bij het eerste loket wordt gekeken hoe afval wordt afgevoerd of verwerkt. Bij het andere wordt gelet op risico's buiten het bedrijf, bijvoorbeeld op overlast voor aangrenzende bedrijven.

Noodmaatregelen
Bedrijf C* heeft aparte noodplannen voor drie vestigingen door Nederland gemaakt. De basis is uiteraard hetzelfde, maar de ene regio wil bijvoorbeeld wel een uitgebreide checklist. Als het bedrijf hetzelfde noodplan op alledrie de locaties zou hebben liggen, zou de ene regio die veel te uitgebreid vinden en de ander het plan weer te karig. Daardoor zou het bedrijf een officiële waarschuwing kunnen krijgen. Zo heeft dit bedrijf daarom in Moerdijk uitgebreidere noodplannen liggen dan in Rotterdam.

Gebrek aan kennis
De verschillen komen volgens bedrijven door onvoldoende kennis bij lokale en regionale overheden. Volgens hun zou er veel meer uniformiteit nodig moeten zijn omtrent regelgeving van deze risicovolle bedrijven. Een landelijk instantie of calamiteitenteam zou volgens deze bedrijven de oplossing zijn.

Volgens hoogleraar Veiligheid en Rampenbestrijding Ben Ale zijn de uitkomsten 'zorgelijk'. "Kleine bedrijven, die toch al niet helemaal goed op de hoogte zijn van regels, worden soms gecontroleerd door kleine gemeenten met onvoldoende deskundigheid. Dat levert gevaarlijke situaties op. Bij grote bedrijven en bij grote gemeenten is het op orde en bij kleine bedrijven en gemeenten niet. Maar soms hebben kleine bedrijven in kleine gemeenten grote branden."